Veel mensen hadden vroeger grote moeite een menswaardig bestaan op te bouwen. De meeste armen probeerden vaak eerst zichzelf te redden. Veel Heinoërs hadden nog wel een enkele koe, een geit of een varken, of een stukje grond om iets op te verbouwen. Ook was er in geval van ziekte altijd wel burenhulp.
Hulp van de diaconie
Maar om de allerergste nood op te vangen moesten kerken bijspringen. Armen, maar ook weduwen, wezen en gebrekkigen waren bijna volledig op de diaconieën* van de kerken van Heino, Laag Zuthem en Lierderholthuis aangewezen. Die moesten het daarbij hebben van giften, legaten en collectes. In Lierderholthuis stonden niet alleen in de kerk, maar ook bij particulieren, in de cafés en later in de winkels collectebussen.
Sommige armen en wezen werden ondergebracht in gastgezinnen. Daar moesten ze meehelpen op de boerderij of in het huishouden. Maar in het dorp waren ook zogenaamde diaconiewoningen (armenhuizen). Dat waren woningen die door de diaconie beschikbaar werden gesteld aan armen die buiten hun schuld dakloos waren.
Diaconiehuisjes in Heino
Deze ‘diaconiehuisjes’, zoals ze werden genoemd, stonden in Heino aan de achterkant van het oude pand De Vos van schoenmaker Offenberg (Canadastraat 12, afgebroken) en op Dorpsstraat 7/9/11, dat in 1921 als Diaconiehuis werd aangekocht door de Hervormde Gemeente (ook afgebroken).
Aan de Dorpsstraat 51-53 stond boerderij het Troxhuis (afgebroken). Ook hier werden de bewoners ondersteund door de armenkamer te Zwolle en door de diaconie van Heino. En op Canadastraat 37 stond oorspronkelijk een huis van het r.-k. armenbestuur. Hier hebben veel verschillende mensen gewoond op soms wel drie adressen. Alleenstaande personen hadden vaak maar één kamer. Het huis is in 1920 door het armenbestuur verkocht aan het r.-k. kerkbestuur voor de bouw van een nieuwe lagere school en afgebroken.
Van kerk naar overheid
Vanaf de 19e eeuw namen gemeenten meer en meer de armenzorg over. In 1854 werd de eerste armenwet ingevoerd. En met de komst van het stelsel van sociale zekerheid dat wij nu kennen, werd armenzorg door de kerken min of meer overbodig.
*Het woord diaconie is afgeleid van het Oudgriekse woord diakonia (διακονία), dat letterlijk dienst of dienen betekent. Zowel de rooms-katholieke als de hervormde kerk kent nog steeds een diaconaat. Die verleent onder andere praktische hulp, bijvoorbeeld ziekenvervoer en koffieochtenden om eenzaamheid te doorbreken.
Colofon
https://nl.wikipedia.org/wiki/Armenhuis
Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed
Diverse bronnen van de Vereniging voor Heemkunde 'Omheining'

