Heinose Vloedgraven


Heinose Vloedgraven
© Foto voorblad: Vereniging voor Heemkunde Omheining, gepubliceerd onder de licentie/disclaimer: Vereniging voor Heemkunde Omheining

Waterbeheer in Heino

Tussen de Sallandse Heuvelrug en de IJssel ligt een licht golvend landschap dat bestaat uit langgerekte dekzandruggen en langgerekte dekzandlaagtes die min of meer evenwijdig lopen aan elkaar. De zandruggen waren geschikt voor boerderijen en akkers, de laagten bestonden lange tijd uit moerassen. Om de groeiende bevolking te kunnen voeden en het vee te kunnen weiden, moesten ook die laaggelegen gronden worden ontgonnen. Daarvoor moest het overtollige water worden afgevoerd. In het begin moest het water uit de zompige moerasgronden op natuurlijke wijze wegvloeien naar lager gelegen gebieden. Dat ging veel te langzaam door de dichte veengrond.

Vloedgravens
Om de natuur een handje te helpen groef men een stelsel van sloten die geleidelijk aan elkaar werden gekoppeld: de vloedgravens. Op die manier ontstond ook de Heinose Vloedgraven. Het water werd nog sneller afgevoerd toen men de kaarsrechte weteringen ging graven. Dat begon al rond 1200 met de Nieuwe Wetering, de Zandwetering en de Soestwetering. Deze weteringen, en nog vele andere, bestaan nog steeds en voeren ook nu nog, via de stadsgrachten van Zwolle en het Zwarte Water, in noordelijke richting af naar het IJsselmeer. Het was een mooi staaltje van middeleeuwse waterbeheersing.

In de loop der eeuwen verbeterde de afwatering sterk, ook door de inzet van molens. Maar dat had ook een keerzijde. In droge periodes daalde het grondwaterpeil zo sterk, dat watergebrek ontstond. Om die reden werd de Vloedgraven verlengd tot aan het Overijssels Kanaal, waar een inlaat ervoor zorgde dat water kon worden aangevoerd in tijden van droogte. 

Waterbeheer
Het beheer van de Heinose Vloedgraven berustte eerst bij de Marke, toen bij de gemeente Heino en werd daarna overgenomen door Waterschap Groot Salland, nu Drents Overijsselse Delta. Tot halverwege de twintigste eeuw was het waterbeheer van het waterschap erop gericht om het water zo snel mogelijk af te voeren. De daling van het grondwaterpeil maakte echter verandering van beleid noodzakelijk. Het beheer werd in toenemende mate gericht op het vasthouden van water. Zo werden er bij erven landbouwbergingen aangeIegd die neerslag konden opvangen en tijdelijk opslaan. Dat was trouwens niet altijd een succes, onder andere omdat er te veel riet ging groeien, wat het land ongeschikt maakte voor beweiding. Zulke rietgroei is op dit moment goed te zien in de berging die werd aangelegd langs de N35 tussen Heino een Raalte, ter hoogte van Het Reelaer.

Ondanks al deze maatregelen was de situatie nog verre van ideaal. In een oude publicatie schrijft het waterschap:
“Zonder enig overdrijven kan gesteld worden dat het met de waterstaatkundige situatie in het Sallandse droevig was gesteld. In feite was het zo dat in droge perioden nagenoeg alle watergangen droog tot vrijwel droog stonden en ze bij neerslag van enige betekenis tot aan het maaiveld volstonden. Bij neerslag van enige dagen liepen al gauw, her en der door het waterschapsgebied, gronden onder water. Bij extreme neerslag kwamen enige duizenden hectare blank te staan.”

Heino Zuid
In de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw werden plannen gemaakt voor uitbreiding van Heino aan de zuidkant. Die uitbreiding maakte drastische ingrepen in dit gebied noodzakelijk en die kwamen er tussen 1966 en 1988.

Om te beginnen werd de benedenloop van de Heinose Vloedgraven, die dwars door Heino liep, losgekoppeld van de bovenloop tussen Heino en het kanaal. Deze bovenloop werd door middel van een verbrede vloedgraven omgeleid naar het begin van de Bendijksweg, vervolgens ongeveer evenwijdig aan de N35 gegraven, om vervolgens een eind verderop in de Raalter Wetering uit te monden. Op die manier werd de kans op wateroverlast in de nieuwe woonwijken van Heino Zuid sterk verminderd. 

Waar bleef de Heinose Vloedgraven?
Net buiten Heino is de benedenloop van de Vloedgraven nog zichtbaar in het Bouwhuisbos achter de Vlaminckhorst, maar tussen de Canadastraat en de Paalweg is hij gedempt. Daar loopt nu een naamloos voet-/fietspad.

Naast zorgcentrum Het Wooldhuis is vanaf de Paalweg ook nog een klein stukje zichtbaar. Tussen de Prunus-Linde en de Stationsweg is ter vervanging van de oorspronkelijke vloedgraven een ‘vernieuwde vloedgraven' aangelegd, maar deze rechte sloot, ingeklemd tussen de huizen, mist de charme van vroeger. Pas voorbij de Stationsweg wordt de Vloedgraven, nu in het weiland, weer zoals die vroeger was. Dan loopt hij richting de spoorlijn, onder de Rozendaelseweg door naar de Nieuwe Wetering.

Deze benedenloop heet nu eigenlijk de Rozendaelse Leide, maar niemand kent die naam en in de volksmond noemt iedereen hem nog steeds de Vloedgraven.

Leidingen en pompen
De hoogte van het grondwater in Heino Zuid wordt nu geregeld met pompen en twee bergingsvijvers die via ondergrondse leidingen met elkaar en met de oude Heinose Vloedgraven zijn verbonden. Daar is weinig oorspronkelijks aan. Sommigen betreuren het daarom nog steeds dat het grootste deel van de oude loop van de Heinose Vloedgraven is verdwenen. Want zo verdwijnt hij ook geleidelijk uit ons collectieve geheugen... Vandaar dat ik dit stukje schreef.

Colofon

Heino in kaart, Peter Weller, kwartaalblad Omheino, december 1988

Hoe houden we Heino droog, artikelenreeks van Henne Neppelenbroek in kwartaalbladen Omheino 2014-2016

Rond de Heinose Vloedgraven, H.J.A. Overkamp, kwartaalblad Omheino, maart 2020

Oud verdwijnt waar nieuw verschijnt, Peter Weller, Kwartaalblad Omheino, december 2023

https://storymaps.arcgis.com/stories/

© Tekst: Joke Zwaal

Gerelateerde informatie


OnderwerpenFoto’s



Reageren

Via onderstaand formulier kunt u een reactie achterlaten voor de auteur of de eigenaar van het item. (Administrator)